Skip Navigation
 

Wintersport 2012

Chalet aan de piste

Het stikt er van de leraren en leraressen in van die rode pakken, op de rug de adelaar op ski's, het teken van de Tiroler Skishule. Voor de deur van de school hangt een grote ketel, tot de rand toe gevuld met heerlijk geurende glºhwein, boven een vuurtje. "Zo komen de toeristen lekker in de stemming. Als de reizigers zich hebben geïnstalleerd in hun hotel, halen we iedereen op die een ski-, snowboard- of telemarkles wil boeken en regelen gelijk het materiaal", vertelt Sophie Rings, die met haar man Roland Wanner de school bestiert.

"Heb je al zin om te skiën?" , vraagt Sophie. Domme vraag, ik popel! Even de lange latten halen en zo staan we, even na 11.00 uur, op 2264 meter hoogte op de Isskogel. Sophie heeft er flink de vaart in en ik moet alles uit de kast halen om haar bij te houden. Ze heeft er minstens net zoveel lol in als ik. "Ik ben dol op skiën", vertelt ze, "maar ik sta nog maar één keer in de drie weken op de piste. Het is gewoon te druk om vaker te gaan. Onze skischool heeft veertig ski- en vijftien tot twintig snowboardleraren in dienst. In het hoogseizoen is dat hard werken, zeven dagen per week. Maar ik vind het heel leuk. Waarom denk je anders dat ik elke keer terug ben gekomen naar Gerlos?"

Sophie leerde als hummeltje al skiën. "Toen ik 20 was ben ik hier teruggekomen om de skilerarenopleiding te volgen" , vertelt ze tijdens een kleine rustpauze op de berg. Dat deed ze bij skischool Die Roten Adler van Roland Wanner. "Hij was destijds mijn instructeur. Vervolgens heb ik twee maanden als skilerares gewerkt en ben toen rechten gaan studeren in Amsterdam. Maar de bergen van Gerlos bleven me roepen en twee jaar later was ik terug, om nooit meer weg te gaan. M'n studie heb ik hier afgemaakt, want intussen was tussen Roland en mij de vonk overgeslagen..."

Maar liefst 70 procent van de skitoeristen die Gerlos bezoeken, komen uit ons land, zegt Sophie. "De leraren zijn dan ook voornamelijk Nederlands, zodat de taal geen probleem is en alle aandacht kan gaan naar het skiën. De klassen zijn ook niet groot, maximaal vijf kinderen per leraar voor de beginners en negen kinderen voor de licht gevorderden. In kleinere klasjes boeken de leerlingen sneller resultaat. En als het steeds beter gaat, wordt het skiën (of snowboarden) natuurlijk ook steeds leuker."

De Nederlandse skileraren die bij het stel werken, zijn vaak net zo verliefd op het plaatsje als het paar zelf en blijken plakkers. En zo kunnen wintersporters elk jaar hun vertrouwde leraar boeken